Staalname Stan bodem grond

You are here

Stikstofbemesting met inzicht

Een goede bemestingsstrategie is cruciaal. Te veel bemesten kost geld, maakt je bodem lui en verhoogt het risico op nitraatuitspoeling. Te weinig bemesten verlaagt de opbrengst en kwaliteit. De juiste balans hangt af van je teelt, de bodem en de geschiedenis van je perceel, inclusief de verschillen binnen je perceel.
Brouckaert Anneline
Adviseur bodem en bemesting

Anneline Brouckaert

Hoeveel stikstof (N) moet je toedienen?

De stikstofbemesting stem je best af op drie factoren.

1. Behoefte van je teelt

Elke teelt heeft een gekende N-behoefte. Die hangt af van het groeistadium. Deze waarden zijn goed gekend bij onderzoekscentra en vormen de basis van je bemestingsplan.

2. Actuele bodemvoorraad

Aan de hand van een N-staal zie je hoeveel beschikbare N er in de wortelzone zit. Let op: dit is een momentopname. Omdat de N-voorraad sterk fluctueert doorheen het groeiseizoen, raden we aan om op het juiste moment een N-staal te nemen.

3. N-nalevering (mineralisatie)

Een belangrijk (en vaak onderschat) deel van de N komt later nog vrij uit:

  • dierlijke mest
  • organische stof in de bodem (afhankelijk van textuur, pH en C%)
  • oogstresten en groenbemesters
  • gescheurd grasland

Deze nalevering kan oplopen tot tientallen kg N/ha. Geef daarom altijd mee aan de staalnemer welke N-bronnen eerder aanwezig waren of noteer deze op de inlichtingenfiche bij de staalname.

bladeren en afval Spruitkool

Wanneer neem je best een N-staal?

Voor een betrouwbaar N-advies is het belangrijk om je N-staal op het juiste moment te nemen.
    • In de analyse wordt gekeken naar door de plant opneembare N, namelijk nitraat en ammonium.
    • In mest zit nog een deel organische N, die niet direct opneembaar is. Deze wordt heel langzaam omgezet naar opneembare N, afhankelijk van bodemtemperatuur en mesthoeveelheid.

    → Neem dus je N-staal vóór bemesting of 4–6 weken na toediening (bij droog weer iets later) voor een betrouwbaar advies.

  • Dan neem je best je N-staal vóór het zaaien of planten. Zo heb je betrouwbaar startpunt en een correcte basisbemesting.

    • Korte teelten (bv. spinazie): staalname best vóór het zaaien of vóór de volgteelt.
    • Langere teelten (bv. prei en knolselder): staalname kan na zaaien of planten voor een correcter advies. Zo meet je een groter deel van de N-mineralisatie en wordt de vrijstelling uit eerder toegediende mest zichtbaar.
    • Enkele richtlijnen:

      Tabel timing bijbemeststaal weken na planten of zaaien

Werk met meerdere giften (fractioneren)

Bij gefractioneerde bemesting dien je stikstof in meerdere keren toe:

  • Basisgift: deel van de totale behoefte, vaak met dierlijke mest
  • Bijbemesting: later in het seizoen, op basis van staalname, gewasstand en weer

Voorbeeld 

Aardappel (late teelt): 70% van de N-behoefte als basis (bv. 140–160 kg N/ha). Rest na bijbemeststaal ± 2 weken na opkomst 

Gefractioneerd bemesten aardappelen (proef 2023)
    • Minder nitraatuitspoeling bij regen
    • Beter inspelen op het seizoen
    • Onbekende N-inhoud van dierlijke meststoffen
    • Inschatting N-mineralisatie uit oogstresten of vanggewassen
  • Er is al te veel bemest. Pas de basisgift volgend jaar aan.

Bemest per perceel

Geen enkel perceel is hetzelfde. De grootste fout? Eén bemestingsstrategie voor alle percelen. Enkele voorbeelden:

 

  • Verwachte vrijstelling bij 24 ton stalmest/ha (7.1 kg N/ton) toegediend het jaar vóór de berekende bemesting is afhankelijk van het toedieningsmoment:

    • Voorjaar: 17 kg N/ha
    • Zomer: 26 kg N/ha
    • Najaar: 34 kg N/ha 
  • Hoger koolstofgehalte (C%) → meer mineralisatie tijdens de teelt

    • C% 0.7 → 41 kg N/ha
    • C% 1.1 → 67 kg N/ha
    • C% 1.3 → 77 kg N/ha 
  • Gemiddelde max. vrijstelling in kg nitraat-N/ha:

    • Bloemkool: 95
    • Prei: 45
    • Spruitkool: 150
    • Gele mosterd: 60
    • Gras: 45 
  • Gescheurd grasland kan tot 125 kg N/ha vrijstellen in het jaar van scheuren. 

Verschillen lopen dus snel op!  Een perceel met stalmest en gele mosterd kan tot 86 kg N/ha meer naleveren dan een perceel zonder. Dat is een verschil van meer dan 300 kg kunstmest.

Hou rekening met variatie binnen je perceel

Een perceel is zelden homogeen. Eén staalname geeft één advies, maar de bodem varieert. 

Zo werk je gerichter:

  • Neem meerdere stalen verspreid over je perceel.
  • Herken sterke en zwakke zones.
  • Pas je bemesting (en bekalking) aan per zone.
  • Werk stap voor stap naar een meer uniforme bodem. Gebruik daarvoor historische data.

Handige tools:

  • WatchiTgrow: gratis opbrengstprognose via satellietbeelden
  • Bodemscan: gedetailleerd inzicht in bodemverschillen (prijzig) 
Dronebeeld met plassen
  • De keuze hangt af van het groeipotentieel van het jaar en de totale N-bemesting die je wilt toedienen:

    • Groeizaam jaar: bemest de minder groeizame plekken iets extra om de opbrengst te uniformiseren.
    • Droog of weinig groeizaam jaar: zorg dat de goede plekken zeker voldoende N krijgen.

    Ook de totale N-norm speelt mee:

    • Beperkte norm: geef prioriteit aan de beste zones.
    • Ruime norm: je kan ook de zwakke zones extra bemesten voor een gelijkmatigere opbrengst.

Vraag je stikstofstalen aan bij Inagro

Alles begint met een staalname! Ook voor hulp of onafhankelijk advies bij beredeneerd bemesten kan je bij ons terecht.

Wekelijks onafhankelijk nieuws en persoonlijke uitnodigingen in je mailbox. Op jouw maat.