Bemesten op maat van het perceel via bedrijfsadvies bemesting
Het inschatten van de hoeveelheid stikstof in de bodem is niet zo eenvoudig. Net als veel collega's gaf een groenteteler uit Staden zijn preipercelen voor planten eenzelfde dosis stikstof, namelijk 20 ton varkensdrijfmest aangevuld met 80 eenheden stikstof uit kunstmest. De adviseur van Inagro gaf aan de basisgift te beperken tot enkel dierlijke mest. Zo kon er tijdens de teelt met kunstmest gecorrigeerd worden op basis van een bodemanalyse. Deze analyses gaven stikstofadviezen van 29 tot 137 kg N/ha op de verschillende percelen. Ten opzichte van zijn vertrouwde gift van 80 kg N/ha is dit dus veel preciezer en kan er gerichter worden bemest!
De juiste timing
De Inagro-adviseur adviseerde om de basisbemesting te beperken tot enkel en alleen de dierlijke mest. Hiermee wordt al meer dan voldoende stikstof meegegeven voor de start van de teelt. We zien namelijk dat de teelt van prei een langzame start kent en dus een heel beperkte hoeveelheid stikstof nodig heeft in de eerste 6 weken na planten. In de zevende week na planten wordt op basis van een staalname, perceelspecifiek advies geformuleerd en wordt de stikstofvoorraad aangevuld tot de benodigde hoeveelheid voor dit perceel.
Dankzij het perceelspecifiek bemesten van deze prei-percelen behaalde ik op enkele percelen een hogere opbrengst en spaarde ik bovendien in totaal een 1000 kg ammoniumnitraat uit.
Landbouwer
Perceelspecifiek advies
De tabel hiernaast geeft weer wat dit betekende voor de verschillende percelen. Daarbij wordt het advies vergeleken met de standaardbemesting van 80 kg N/ha die de teler zou toepassen:
- Op vier percelen werden er 50 eenheden stikstof bespaard: in grootorde een advies van 30 kg N/ha (in het rood aangeduid - perceel 37, 38, 59 en 60)
- Op twee percelen werd geen stikstof bespaard: een advies van 70 à 80 kg N/ha (in het lichtgroen en groen - perceel 40 en 81)
- Op twee percelen werden er 30 - 50 eenheden stikstof correcter gebruikt: een hoger advies van 108 kg N/ha (in het geel - perceel 58) en 137 kg N/ha (perceel 56).
Dit toont het belang van de staalnames en perceelspecifieke bemesting aan. Met dezelfde strategie zouden er percelen zijn die ruim teveel bemest werden en andere onvoldoende. Perceel 59 zou 52 kg N/ha of 192 kg AN/ha teveel gekregen hebben, perceel 56 daarin tegen 56 kg N/ha of 207 kg AN/ha te weinig. Voor perceel 59 betekende dit een te hoog nitraatresidu, voor perceel 56 een opbrengstverlies. Laat het duidelijk zijn dat beide te vermijden zijn en we steeds moeten streven naar een evenwichtige bemesting.