Succesvol beweiden: 10 tips voor meer grasopname
De grasopname bij beweiding hangt sterk af van de grasvoorraad op de weide en de bijvoedering op de stal. De grasvoorraad wordt in sterke mate bepaald door de grasgroei, die op zijn beurt weer afhankelijk is van de hoeveelheid groen bladoppervlak voor fotosynthese, vocht en voedingsstoffen. Ook andere factoren zoals grondsoort, het grassenbestand, neerslag en temperatuur spelen een belangrijke rol voor de grasgroei.
Een succesvolle beweiding hangt dus van verschillende factoren af. Lees hier enkele tips om dit te laten slagen.
10 tips om tot een succesvolle beweiding te komen
-
1. Kies een een beweidingssysteem dat bij je bedrijf past.
Streef je naar maximale grasgroei en grasbenutting, dan is omweiden het meest geschikte systeem. Wil je graag gaan beweiden, maar met zo weinig mogelijk arbeid dan is standweiden een beter systeem. Hou verder ook rekening met de grootte van de huiskavel. Die bepaalt namelijk in welke mate beweid kan worden. Zitten er bijvoorbeeld 5 tot 10 koeien per hectare, dan kan 33% beweid worden. Bij meer dan 10 koeien per hectare is de weide niet meer dan een uitloop.
-
2. Zorg voor een juiste bemesting van je grasland.
Idealiter niet meer dan 25 m³ drijfmest. Drijfmest gaat namelijk de geur van het gras en daarmee de smakelijkheid gaan aantasten. Ook de geur van mestflatten kan tot 5 m² gras beïnvloeden. Houd voor het berekenen van de bemestingsruimte ook steeds rekening met de mest die via beweiding op het perceel terechtkomt.
-
3. Kies grassoorten en rassen met een hoge resistentie tegen kroonroest.
Kroonroest zorgt ook voor een afname van de smakelijkheid van het gras, zeker in het najaar is dit een aandachtspunt. Toevoegen van klaver in de zode zorgt ervoor dat er minder kroonroest voorkomt.
-
4. Begin in het voorjaar zo vroeg mogelijk met weidegang.
Maar houdt rekening met de draagkracht van de bodem en de grasgroei. Schade aan de zode zorgt namelijk voor negatieve gevolgen gedurende het volledige weideseizoen.
-
5. Bouw de beweiding geleidelijk aan op.
-
6. Leer het jongvee beweiden.
Ideaal is een trainingsperiode van 200 dagen. Dat kan vanaf een leeftijd van 6 maanden. Houd rekening met de besmettingsgraad van de weides. Belangrijk is dat het jongvee voldoende blijft groeien. Bij een daling van het grasaanbod moet dus
- ofwel de oppervlakte van de weide vergroot worden,
- dieren van de weide gehaald worden
- of bijgevoederd worden.
-
7. Pas het rantsoen aan.
Koeien nemen gemiddeld 0,5 – 1,3 kg droge stof per uur op bij het grazen, dit afhankelijk van het grasaanbod en of de koeien al dan niet met een gevulde pens de wei in gaan.
-
8. Kijk naar de graslengte bij uitscharen.
Is de lengte hoger dan 12 cm, dan kan je minder bijvoeren, is de graslengte lager dan 8 cm, kan je meer bijvoeren.
-
9. Schaar de koeien niet in een weide met te lang gras.
Dit zorgt voor extra beweidingsverliezen. Maai het perceel indien er te veel gras in staat.
-
10. Voorzie voldoende schoon water op de weide om een hoge productie aan te houden.
Beweiden in het kader van PAS?
Meer info?
Dit artikel is ontstaan in kader van het demonstratieproject GePASt beweiden – Naar een klimaat- en milieubewuste beweiding.