Beweiding in Vlaamse omstandigheden: zo haal je meer uit je gras
Beweiding blijft een interessante strategie voor melk- en jongvee, maar het succes ervan hangt sterk af van de praktijk. Binnen het demonstratieproject GePASt beweiden werd onderzocht wat werkt onder Vlaamse omstandigheden. Van grasopname en voederwaarde tot groei en rendabiliteit: dit zijn de belangrijkste inzichten voor een succesvolle beweiding.
Wat bepaalt nu echt de grasopname?
De hoeveelheid vers gras die koeien opnemen, hangt sterk af van wat de weide hen aanbiedt. Grasaanbod, graskwaliteit en smakelijkheid blijven de belangrijkste factoren.
- Voorjaar: sterke groei, hoog aanbod en goede kwaliteit.
- Zomer: vaak een dip door droogte waardoor minder aanbod én lagere voederwaarde.
- Najaar: herstel van kwaliteit en opname.
Daarnaast spelen ook deze factoren een rol:
- Bijvoeding: te veel of te energierijk bijvoeren remt graasmotivatie.
- Voeropnamecapaciteit: niet elke koe kan evenveel drogestof opnemen.
- Uren weidegang: elk extra uur levert gemiddeld 0,8 tot 1,4 kg DS vers gras op.
Conclusie: wie rendement wil halen uit beweiding, moet aanbod, kwaliteit en rantsoen goed op elkaar afstemmen.
Beweiding bij melkvee: hoeveel eten koeien nu echt?
Met de VEM-behoeftemethode bereken je hoeveel energie de koe nodig heeft (onderhoud, melk, dracht) en hoeveel daarvan uit het stalrantsoen komt. Het verschil geeft weer hoeveel gras ze idealiter moeten opnemen op de weide om aan hun behoefte te voldoen.
Uit analyse op zeven melkveebedrijven blijkt:
- Op meerdere bedrijven was de VEM-behoefte volledig gedekt via het stalrantsoen. De koeien hadden dus weinig reden om echt te grazen, en dat merkte men ook: “beweiden loopt moeilijk”.
- Bij bedrijven waar de koeien wél gras moesten opnemen om aan hun behoefte te voldoen, varieerde de opname van 0,68 tot 8,40 kg DS/koe/dag (afhankelijk van seizoen en grasaanbod).
En de voordelen van beweiden lieten zich op deze bedrijven ook snel zien:
- Hogere voerefficiëntie
- Hoger voersaldo per 100 kg meetmelk
- Minder krachtvoederverbruik
Kortom: zodra koeien effectief gras opnemen, rendeert beweiden echt.
Jongvee: laat hun groei niet stilvallen
Jongvee moet blijven groeien om op tijd en goed ontwikkeld af te kalven. Te weinig gras of gras van lage kwaliteit kan die groei sterk afremmen.
Uit grashoogtemetingen en analyses van het vers gras op acht jongveeweides blijkt:
- Weides waar het jongvee onvoldoende groei haalt, hadden meestal ook te weinig grasaanbod én lage graskwaliteit.
- Actief opvolgen is cruciaal:
- Daalt het grasaanbod? → haal dieren weg, vergroot de oppervlakte of voorzie bijvoeding.
- Goed aanbod én kwaliteit? → dan kan jongvee perfect op gras blijven grazen zonder in groei in te boeten.
Besluit: beweiden kan perfect rendabel zijn
Onder Vlaamse omstandigheden is beweiden absoluut mogelijk en zelfs economisch, technisch én in PAS‑context een sterke keuze. Maar het succes valt of staat met één element: de koe moet voldoende vers gras opnemen.
Dat lukt alleen wanneer:
- er voldoende grasaanbod is;
- je een weidesysteem kiest dat past bij jouw bedrijf;
- het stalrantsoen en moment van bijvoeding de graasmotivatie niet wegneemt.
Wie dit goed aanpakt, haalt niet alleen meer melk uit gras, maar ook een hoger voersaldo, een lager krachtvoederverbruik en een hogere bedrijfsrendabiliteit.
Meer informatie
Dit artikel is ontstaan in kader van het demonstratieproject GePASt beweiden - Naar een klimaat- en milieubewuste beweiding.