Staalnames tonen snelle afrijping bij maïs: optimale oogstmoment in zicht
De staalnames voor maïs zijn dit jaar drie weken vroeger van start gegaan. Op 14 augustus werd al een tweede monster genomen in het kader van het LCV-netwerk, dat wekelijks de afrijping opvolgt.
Opvolging van rassen in Langemark-Poelkapelle
Het LCV-netwerk (Landbouwcentrum Voedergewassen) telt tien locaties verspreid over Vlaanderen. Ook dit jaar werden rassen met uiteenlopende vroegrijpheid uitgezaaid en nauwgezet opgevolgd. Voor Inagro liggen de proefrassen in Langemark-Poelkapelle, waar op 25 april werd gezaaid.
Het gemiddelde droge stofgehalte bedraagt er 25,2%, met uitschieters van 22,4% voor het halfvroege ras SY Opale tot 28,8% voor het ultravroege ras P7179. Ten opzichte van de week voordien is het gehalte gemiddeld met 3,5% gestegen. Op 21 augustus werden opnieuw stalen genomen.
Optimale oogstmoment in zicht
Uit de cijfers van 14 augustus blijkt dat op sommige locaties, vooral bij rassen die vóór 1 mei gezaaid zijn, het optimale oogstmoment stilaan in zicht komt. Dat ligt tussen 33 en 37% droge stof van de hele plant. Ga dus zeker eens kijken op je eigen percelen, zeker waar vroeg of tijdig gezaaid werd. Leg, indien nodig, je loonwerker al vast. Hoe je het droge stofgehalte van je maïs eenvoudig visueel inschat, lees je in onderstaande fiche.