Biovelddag najaar in beeld
Op woensdag 4 oktober vond de najaarseditie van onze Biovelddag op het Proefbedrijf Biologische Landbouw van Inagro plaats. De focus van deze editie lag op proeven in groenteteelt en aardappelen. Na de rondleiding sloten we af met een netwerkmoment en lekkere biologische frietjes. Kon je er niet bij zijn? Lees hier een kort verslag van wat aan bod kwam.
In november stellen wij ons programma voor het komende jaar op. Hierbij vertrekken wij vanuit vragen en problematieken uit de praktijk. Onderaan dit nieuwsbericht kan je als biologische teler of stakeholder dan ook jouw input geven!
Bescherming tegen trips in prei
In de herfstprei testen we of het uitzetten van kleine roofwantsen (Orius sp.) helpt om de schade door trips te verminderen. Voor een goede overleving van de wantsen voorzien we ook een geschikte stuifmeelbron, namelijk planten van schildzaad (Lobularia maritima).
Waarnemingen toonden reeds aan dat de roofwantsen zich daar in stand kunnen houden en vermeerderen. Het effect op de trips leek in het veld beperkt en wordt verder opgevolgd bij tellingen en bij de oogst.
Biostimulanten in winterprei
Bieden biostimulanten een meerwaarde om de oogstkwaliteit van winterprei te verbeteren? Met acht middelen of middelencombinaties zoeken we een antwoord op deze vraag.
Joran Barbry toont een proef in winterprei waarin enkele van die producten uitgetest worden. We volgen daarbij de gewasstand op en hebben bijzondere aandacht voor drie belangrijke bladpathogenen: roest (Puccinia allii), papiervlekkenziekte (Phytophthora porri) en purpervlekken (Alternaria porri). Momenteel zijn nog geen verschillen waargenomen.
Onkruidbeheersing en bemesting in knolselder
De voorbije jaren zien we dat onder invloed van de warme nazomerperiodes, onkruiden nog stevig kunnen woekeren in teelten die lang op het veld blijven. Zeker onkruiden als knopkruid, vogelmuur en grasachtige soorten krijgen zo de kans om langer te groeien en zaad te zetten.
Joran toonde een verkennende proef waarbij we enkele strategieën verkennen om deze problematiek het hoofd te bieden:
- Maakt laat schoffelen of aanaarden een verschil ?
- Of kunnen we door onderzaai van een groenbemester de onkruiddruk beperken ?
Biologische landbouw maakt gebruik van organische bemesting om bodem en plant te voeden. Als basisbemesting is stalmest een gegeerde grondstof.
Lieven Delanote geeft uitleg bij een proef waarbij we vijf types stalmest vergelijken voor de knolselderteelt met gelijke stikstofdosis. Verassend genoeg zijn er nog geen duidelijke verschillen in beschikbare bodemstikstof of gewasontwikkeling. In alle objecten, ook onbemest, was de stikstofvoorraad doorheen het seizoen hoog.
Grenzen verleggen met (vlinderbloemige) groenbemesters
Er bestaan heel wat soorten binnen de vlinderbloemige familie (Fabaceae) die interessant kunnen zijn als groenbemester. Een deel hiervan is nog minder bekend. Heb je bijvoorbeeld al eens gehoord van Vesce de Narbonne of van Onderaardse klaver?
Gemeenschappelijk hebben deze klavers en wikken alleszins dat ze een samenwerking of symbiose aangaan met bacteriën, in knolletjes op de wortels, om stikstof uit de lucht vast te leggen en daarmee de plant te voeden in ruil voor suikers. Dit maakt vlinderbloemigen uitermate interessante componenten in groenbemestermengsels.
We zaaiden 21 commercieel beschikbare soorten uit die door Jasper Vanbesien werden toegelicht.
Vorstgevoelige groenbedekkers zijn gewenst als men vroeg in het volgende voorjaar een nieuwe hoofdteelt wilt opstarten. Om een goede ontwikkeling te verzekeren, worden deze groenbemesters het best voor 20 augustus gezaaid.
Door de klimaatverandering kennen we echter de laatste jaren warmere najaren met groeizaam weer. Jasper licht bij de demovelden toe dat we willen onderzoeken hoe de ontwikkeling van dergelijke groenbedekker(mengsel)s is bij middellate (half september) en late zaai (eind september). Twaalf in de handel beschikbare mengsels, variërend van drie tot wel 18 soorten, werden hiervoor gezaaid. Net als enkele rassen van bladrammenas en phacelia in zuivere teelt.
Rassenkeuze in prei
Rassenkeuze is in biologische preiteelt een belangrijk instrument om tot een gezonde en kwalitatieve oogst te komen. Teeltperiode en de afzet van het geoogste product zijn hierbij de hoofdcriteria.
- Voor de verse markt is tripsschade een belangrijk aandachtspunt.
- Voor industrie is een gezonde, slijtvaste prei met hoog opbrengstpotentieel de maatstaf.
Anouk Van Moorter toont de resultaten van het rassenonderzoek vroege herfstprei en bekijkt samen met de telers de verschillende rassen late herfstprei in het veld. De prei is onder invloed van de warme nazomer verder afgerijpt dan andere jaren waardoor bij de vroegere rassen al behoorlijk wat sleet aanwezig was.
Beheersing van witte vlieg en bladluizen in spruitkool
Spruitkool, waarvan de teelt relatief lang is, wordt door heel wat plagen belaagd. Melige koolluis en witte vlieg kunnen voor een belangrijke opbrengstderving en kwaliteitsproblemen zorgen.
Femke Temmerman licht twee proeven toe waarbij we controlestrategieën onderzoeken:
- In een eerste proef gaan we de haalbaarheid en effectiviteit na van een bankerplant-systeem om melige koolluis op natuurlijke wijze te beheersen.
- In een tweede proef kijken we naar de doeltreffendheid van enkele biologische gewasbeschermingsmiddelen tegen bladluis en witte vlieg.
Rassenkeuze in ajuin
Anouk geeft uitleg bij gedroogde ajuinenoogst en overloopt daarbij de belangrijkste resultaten van de verschillende rassen. Ondanks de late plantdatum van de uien op 3 mei, was er een zeer mooie opbrengst. Vooral de geplante zaaiuien scoorden goed.
Rassenkeuze en resistentiemanagement in aardappel
De aardappelproeven werden eind september geoogst. In de loods toont Anouk Van Moorter het resultaat van de rassenproef. Naast opbrengst en kwaliteit ligt de focus op resistentie voor de aardappelplaag (Phytophthora infestans).
De kwakkelzomer bracht plaag in de proef en levert interessante resultaten. Eind dit jaar verschijnt het verslag en krijgt de robuuste rassenlijst een update.
Phytophthora infestans past zich continu aan en kan op termijn resistentie van rassen doorbreken. Bepaalde maatregelen kunnen helpen vermijden dat resistentie snel doorbroken wordt.
Zo kan het gericht toepassen van biologische middelen helpen om dit proces te vertragen. Denk dan aan de inzet van koper-formuleringen (met lage dosissen) als onderdeel van een duurzame beheersingsstrategie. Femke Temmerman bespreekt de resultaten van de ‘plaagproef’.
Oproep tot input voor ons jaarprogramma 2024
Zoals u in de winter uw teeltplan voor het komende seizoen voorbereidt, werken wij jaarlijks in november ons programma voor het komende jaar uit. Als biologische teler en/of stakeholder zijn jullie onze ‘klanten’. Om het proefprogramma en de werking van de cluster biologische productie van Inagro vorm te geven, vertrekken wij namelijk vanuit de vragen en problematieken uit de praktijk.
Begin november organiseren we dan ook een bijeenkomst van de Technische adviesraad. Leden van de technische adviesraad vertegenwoordigen een deelsector en brengen op die bijeenkomst input mee waarmee wij verder aan de slag gaan om gepast praktijkonderzoek voor in te richten.