Om waterlopen gezond te houden moeten er van tijd tot tijd ruimingswerkzaamheden plaatsvinden. Die ruimingsspecie eindigen vaak op de 1-meter teeltvrije zone of op weides. Dat zorgt niet alleen voor verruiging, maar ook voor wrevel bij landbouwers. Inagro en de dienst waterlopen van de provincie West-Vlaanderen gingen samen aan de slag om het euvel te verhelpen. Hoe we dat aanpakten, lees je in dit nieuwsbericht.

Ruimingsspecie soms een last

Ruimingsspecie op randen zorgt voor verruiging en conflict
Regelmatig bemerkt een landbouwer dat de ruimingsspecie op zijn 1-meter teeltvrije zone terechtkwam. Die resten van de ruimingswerken verstikken de vegetatie. Daardoor vermindert de stevigheid van de oever en treedt er oevererosie op. Daarnaast wordt de afwatering van de percelen belemmerd.
De ruimingsspecie opentrekken op de 1-meter teeltvrije zone is moeilijk, aangezien de landbouwer in die zone geen grondbewerkingen mag uitvoeren. Ook op weilanden zorgen de resten voor ergernis, aangezien ze daar moeilijk in te werken zijn.

Wat zegt de wet?
Volgens de wetgeving mag de aannemer de ruimingsspecie deponeren op de 1-meter teeltvrije zone langs de waterlopen. De 1-meter teeltvrije zone maakt deel uit van de zogenaamde “erfdienstbaarheidzone”. Die zone is vijf meter breed en komt overeen met de bemestingsvrije zone. Er wordt daarbij gerekend vanaf de taludinsteek.

In de erfdienstbaarheidzone mogen geen ophogingen, (tijdelijke) opslag van materiaal of bebouwingen voorkomen. De zone moet altijd vrij zijn, zodat de waterbeheerder werken kan uitvoeren aan de waterloop om de ontwatering van het gebied te verzekeren.

2018-10-09-AM-taludinsteek.jpg
In een bevraging gaven heel wat landbouwers aan dat ze graag willen weten wanneer de aannemer de grachten komt rijten. We stelden ook vast dat landbouwers bereid zijn om de ruimingsspecie tijdens de werken op te vangen in een kar om die dan naar een geschikte locatie te voeren. Of ze zijn voorstander om het rijtsel verder op het land te deponeren zodat het vlotter kan worden ingewerkt. Zo kunnen de landbouwers extra veldwerkzaamheden vermijden. Bovendien komen de ruimingsspecie zo niet op weides terecht waar ze moeilijk in te werken zijn. Tot slot kunnen de telers herhaaldelijke herinzaai van het grasland of beheerovereenkomsten voorkomen.

Maar daarvoor moeten de landbouwers vooraf weten wanneer de beken geruimd zullen worden. Inagro maakte samen met de dienst waterlopen werk van de problematiek. De provincie West-Vlaanderen heeft zijn aannemers bij het begin van de ruimingswerken ingelicht over de wetgeving en de gemaakte afspraken rond het deponeren van ruimingsspecie. De provincie drukte er nogmaals op om de specie niet op de eerste meter te deponeren, maar verder op de erfdienstbaarheidszone.


Hoe weet je welke aannemer wanneer graafwerken uitvoert?
Voor landbouwers is het niet eenvoudig om uit te zoeken welke aannemer de beken langs zijn percelen zal rijten. Elke aannemer heeft zijn eigen planning. Inagro en de provinciale dienst waterlopen engageren zich om de landbouwers in contact te brengen met de juiste aannemer. Voortaan kan je dus contact opnemen met Inagro of de dienst waterlopen van de provincie West-Vlaanderen om meer te weten over de ruimingswerken langs jouw percelen. Je krijgt dan de gegevens van de aannemer die de beken in jouw streek onderhoudt, zodat je afspraken kan maken over het deponeren van de ruimingsspecie.

Contactpersonen


2018-10-09-AM-watertalklogo.png