Op vrijdag 7 september vond het "akkervogelveldbezoek" plaats in de Moeren. Tijdens dat infomoment kregen de landbouwers meer informatie over de grauwe kiekendief, het inzetten van Japanse haver voor akkervogels en de akkerranden. Heel wat geïnteresseerden kwamen een kijkje nemen en werden te woord gestaan door het Regionaal Landschap Westhoek, de Vlaamse Landmaatschappij en Inagro.

Veldbezoek akkervogels informeert landbouwers

Op vrijdag 7 september kwamen heel wat geïnteresseerden hun licht opsteken over de grauwe kiekendief, het inzetten van Japanse haver als voedselbron voor akkervogels en het 'hoe' en 'wat' rond akkerranden. De aanwezigen kwamen zowel uit Vlaanderen, Wallonië als Frankrijk. De geïnteresseerden leerden:

  • hoe ze beheerovereenkomsten kunnen inzetten om het de grauwe kiekendief wat makkelijker te maken om te overleven.
  • hoe ze Japanse haver kunnen gebruiken om niet alleen de landbouwers te helpen, maar ook de akkervogels.

Er werd ook van de gelegenheid gebruikgemaakt om de landbouwers te informeren over de laatste stand van zaken in de wetgeving rond de akkerranden en de bufferstroken langs waterlopen.

2018-09-19-agrom-akkerinleiding.jpg


Japanse haver
Groenbemesters inzetten is tegenwoordig een gangbare landbouwpraktijk. Groenbemesters doen onder andere dienst als “vanggewas” voor nitraten, waardoor ze de nitraatuitspoeling kunnen tegengaan. Daarnaast voorkomen ze bodemerosie, waardoor afspoeling van vruchtbare grond vermeden wordt. Ook organische stof aanbrengen, met een verbetering van de bodemvruchtbaarheid tot gevolg, is een belangrijke eigenschap van groenbemesters.

Verschillende soorten groenbemesters worden courant ingezaaid, zoals bladrammenas, phacelia of gele mosterd. Maar de afgelopen jaren is ook het gebruik van Japanse haver (Avena strigosa) als groenbemester sterk toegenomen. Omwille van zijn gunstige eigenschappen zien steeds meer landbouwers de voordelen in van deze groenbemester: snelle ontwikkeling van het gewas met een goede startontwikkeling en snelle bodembedekking zorgen voor onderdrukking van de onkruidgroei, een hoge organischestofproductie (hoge biomassa), intensieve beworteling, reductie van wortellesie aaltjes (Pratylenchus penetrans) en de vorstgevoeligheid van het gewas, waardoor opslag in de volgteelt voorkomen kan worden, maken van Japanse haver een uiterst geschikte groenbemester.

Als Japanse haver voldoende vroeg ingezaaid kan worden, nl. tegen ten laatste rond half augustus, dan levert Japanse haver niet alleen voordelen op voor de landbouwer maar ook voor de akkervogels. De Japanse haver zal dan, onder normale omstandigheden, nog zaad zetten en zo de akkervogels tijdens de winterperiode voorzien in het broodnodige voedsel voor hun overleving in deze barre periode. Belangrijk hierbij is dat de groenbedekker hierbij tot half maart blijft staan, want vooral in januari-februari-maart is het voedseltekort voor akkervogels het meest nijpend. Een veelgebruikt mengsel conform de vergroening is dat van Japanse haver, facelia en zonnebloem.

2018-09-19-agrom-japansehaver.jpg

Grauwe Kiekendief
Omdat de grauwe kiekendief voet aan de grond zou krijgen in Vlaanderen is er in 2016 een nieuw soortbeschermingsprogramma goedgekeurd. Eén van die maatregelen is de “vogelakker”. Een beproefd concept dat al geruime tijd wordt toegepast in het noorden van Nederland (Groningen) en ook stilaan ingang vindt in Vlaanderen. Het concept werd ontwikkeld door “Werkgroep grauwe kiekendief” en bestaat er in akkers in te richten met stroken luzerne afgewisseld met stroken van graan/gras/kruiden. De belangrijkste functie van deze vogelakkers is het aanbieden van een zo hoog mogelijk prooiaanbod in de vorm van veldmuizen, die daarenboven gemakkelijk te bejagen zijn.


De graan/gras/kruiden-stroken bieden een ideale omgeving voor veldmuizen om een populatie op te bouwen, doch zijn de muizen daar moeilijker bereikbaar. De luzernestroken daarentegen worden jaarlijks tot 3 x gemaaid en na elke maaibeurt worden de muizen in die stroken goed zichtbaar en bereikbaar voor jagende grauwe kiekendieven. Terzelfdertijd kan de landbouwers de oogst van de luzerne aanwenden als groenvoeder van uitstekende kwaliteit. Deze vogelakker kan aangelegd worden als beheerovereenkomst met VLM, op voorwaarde dat het perceel gelegen is in het afgebakende kerngebied voor grauwe kiekendief.

2018-09-19-agrom-kiekendief.jpg


Akkerranden bufferstroken.
Er zijn een aantal afstandsregels waarmee de landbouwer rekening moet houden. Zo is er de veel besproken 1-meter teeltvrije zone. In deze zone is het niet toegelaten om de bodem te bewerken, gewasbeschermingsmiddelen aan te wenden, bemest toe te dienen of een gewas te telen.
Daarnaast is er ook de 5-meter bemestingsvrije zone. In deze zone is het niet toegestaan om meststoffen van gelijk welke aard aan te wenden. Ook is er een minimum bufferzone van kracht van 1 meter bij het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. De effectieve bufferzone die dient te worden gerespecteerd is afhankelijk van het gebruikte product, de gebruikte spuitmachine en de driftreducerende technieken die worden aangewend. De exacte bufferzones per product kan je raadplegen op fytoweb of via de gewasbeschermingsapp van Inagro.


Maar hoe kan je de oevers langs waterlopen dan wel onderhouden?
Geen onderhoud is niet aan de orde, omdat de randen dan verruigen met ongewenste onkruid- en struikgroei tot gevolg. Maaien is de enige oplossing die op termijn zorgt voor een goed ontwikkelende vegetatie zonder probleemonkruiden. Zowel schijvenmaaiers als klepelmaaiers kunnen hier voor worden ingezet. Nu wat tijd investeren in de 1-meter teeltvrije zone kan heel wat tijdswinst betekenen in de toekomst.


Meer informatie
Akkerranden en bufferstroken
Tom Van Nieuwenhove
T 051 27 33 92
E tom.vannieuwenhove@inagro.be
Akkervogels
Willem Van Colen
T 051 27 33 15
E willem.vancolen@inagro.be

 

2018_Logo_TEC_Tekst.jpg