De eerste percelen komen opnieuw vrij. Dat is het ideale moment om wortelonkruiden aan te pakken. De aanhoudende droogte is voor veel landbouwers een probleem, maar biedt in die strijd wel kansen. In dit nieuwsbericht krijg je een aantal tips.

Benut de droogte in de strijd tegen wortelonkruiden

Wortelonkruiden zijn invasief
Wortelonkruiden overleven via ondergrondse wortelstokken. Die wortelstokken vormen een intens netwerk dat snel uitbreidt. Zo kunnen distels op één jaar tijd 2 tot 10 meter groeien. Het ondergrondse netwerk is in de eerste plaats het reserve-orgaan dat wortelonkruiden toelaat om de winter te overleven. Een distel die 6 tot 8 bladeren gevormd heeft, begint al opnieuw met de opslag van energie voor een volgende generatie. Elk stukje wortel gedraagt zich tegelijk als een ‘zaadje’. Een stukje van 2 cm wortel kan aanleiding geven tot een nieuwe plant. Frezen van perceelsranden of probleempercelen is daarom geen goede optie.

 

Uitputten of uitdrogen
Een alerte aanpak tegen wortelonkruiden is nodig. Daarvoor zijn mechanisch twee strategieën mogelijk.

  • Een eerste strategie richt zich op het uitputten van de wortelstokken en is vooral geschikt voor wortelonkruiden met een diep ondergronds netwerk. De strategie bestaat erin de planten herhaaldelijk af te snijden en opnieuw te laten schieten. Idealiter werk je telkens iets dieper. Distels kunnen zo sterk teruggedrongen worden.
  • Uitdrogen is een tweede strategie die zich goed leent voor wortelonkruiden met een ondiep netwerk aan ondergrondse wortels. Kweek is hier erg gevoelig voor.

Beide strategieën kunnen aanvullend werken en laten efficiënt werk toe in de strijd tegen onder andere melkdistels en haagwinde. Gebruik deze droge periode om probleempercelen aan te pakken!


20170706_wortelonkruiden_voorbewerking_bio1.jpg
Een probleemperceel voor bewerking

Volvelds werken
Om wortelonkruiden efficiënt aan te pakken, is het belangrijk om de grond over de volledige oppervlakte te snijden over een diepte van 5 tot 10 cm. Een gewone cultivator is weinig effectief, omdat de planten gewoon tussen de tanden glippen. Een herhaalde bewerking over meerdere weken is aanbevolen. Vaak wordt dan telkens iets dieper gewerkt. Volgende mogelijkheden dienen zich aan:

  • In Duitsland is het gebruik van een stoppelploeg courant. De wortelstokken worden volledig doorgesneden en aan de oppervlakte gelegd door de kerende werking. Soms wordt die bewerking 2 tot 3 keer herhaald, waarbij telkens 5 cm dieper geploegd wordt.
  • In de huidige weersomstandigheden is een cultivator met vlakke en volveldssnijdende ganzenvoeten effectief. Voor een goede werking is 6 cm overlap tussen de messen nodig. Enkele machines werden voorgesteld op de biovelddag 2017 van Inagro.
  • De rodweeder is een eenvoudige aanvulling die op elke cultivator past. In essentie bestaat de rodweeder uit een zeskantige as. Per tand is er een kleine ‘schoen’ met lager waarin de as ronddraait. Die wordt aan de achterste rij tanden van de cultivator opgehangen via een korte ketting. Op het moment dat de as in de grond wordt getrokken, maakt ze een draaiende beweging en worden wortelonkruiden losgetrokken. Nederlands onderzoek bevestigde de effectiviteit van die aanpak.

20170706_wortelonkruiden_resultaatvolvelds_bio1.jpg
Resultaat van een volveldsbewerking

 

Enkele nuttige referenties:

Gekoppelde thema's & sectoren: Biologische Productie | -- Crisis --